* Massaproductie: De innovatieve assemblagelijn van Ford verlaagde de productiekosten dramatisch, waardoor de Model T aanzienlijk goedkoper werd dan eerdere auto's. Deze efficiëntie was de sleutel tot de betaalbaarheid ervan.
* Standaardisatie: Het Model T had een relatief eenvoudig ontwerp met weinig variaties, waardoor de productiekosten verder werden verlaagd en het onderhoud werd vereenvoudigd. Dit betekende dat er minder onderdelen hoefden te worden geproduceerd en op voorraad gehouden, wat de efficiëntie ten goede kwam.
* Lagere prijs: De resulterende lagere prijs maakte de auto haalbaar voor een groeiende middenklasse en zelfs enkele arbeidersgezinnen. Dit was een grote verschuiving, aangezien auto's voorheen luxeartikelen waren voor de rijken.
* Eenvoudig onderhoud: Het relatief eenvoudige ontwerp maakte hem ook gemakkelijker te onderhouden en te repareren, waardoor de totale eigendomskosten voor de gemiddelde persoon daalden.
Hoewel het niet perfect toegankelijk was voor *iedereen* (de plattelandsbevolking en de extreem armen werden nog steeds geconfronteerd met aanzienlijke barrières), breidde de Model T het autobezit aanzienlijk uit tot buiten de kleine elite. Deze verhoogde de mobiliteit en droeg bij tot een meer onderling verbonden en mobiele samenleving, vandaar het ‘democratische’ label.