Auto >> Automobiel >  >> Motor

De brandstofpomp draait als u de sleutel voor het eerst omdraait. Probeer te starten. Loopt de brandstofpomp niet en wil hij niet starten?

Dat klinkt als een klassiek symptoom van een paar verschillende potentiële problemen die verband houden met het brandstofsysteem van uw auto. Hier is een overzicht van de waarschijnlijke boosdoeners:

* Krukaspositiesensor (CKP): Deze sensor vertelt de computer van de auto de positie van de krukas. Als deze defect is, verzendt de computer mogelijk niet het signaal om de brandstofpomp *na* de eerste keer vullen te laten draaien.

* Campositiesensor (CMP): Net als bij de CKP kan een defecte CMP ervoor zorgen dat de computer de brandstoftoevoer niet goed kan bepalen nadat de pomp voor het eerst is gevuld.

* Brandstofpomprelais: Dit relais regelt de stroom naar de brandstofpomp. Het kan af en toe mislukken, waardoor er stroom wordt geleverd voor de eerste prime, maar daarna niet consistent.

* Brandstofpomp zelf (minder waarschijnlijk): Hoewel dit minder waarschijnlijk is gezien uw beschrijving (de pomp draait *in eerste instantie*), kan het zijn dat een zwakke of falende brandstofpomp moeite heeft om de druk te behouden na de eerste uitbarsting.

* Computer-/ECU-probleem: In zeldzame gevallen kan een probleem met de computer (ECU) van de auto het probleem veroorzaken. Dit is minder waarschijnlijk dan de andere genoemde problemen.

* Bedradingsproblemen: Een korte, gecorrodeerde verbinding of beschadigde bedrading in het brandstofpompcircuit kunnen de stroom onderbreken.

Stappen voor probleemoplossing:

1. Controleer het brandstofpomprelais: Zoek het brandstofpomprelais (raadpleeg de reparatiehandleiding van uw auto) en probeer het te vervangen door een ander relais met dezelfde stroomsterkte (indien mogelijk). Dit is een snelle en gemakkelijke test.

2. Luister goed: Wanneer u de auto probeert te starten, *hoort* u dan de brandstofpomp draaien na de eerste pompbeurt (een kort zoemend geluid)? Als dit niet het geval is, wijst dit op een relais-, sensor- of bedradingsprobleem.

3. Controleer de brandstofdruk: Hiervoor is een brandstofdrukmeter vereist. U moet de brandstofdruk controleren terwijl u de motor start om te zien of deze de druk behoudt. Dit is een meer betrokken test waarvoor mogelijk professionele hulpmiddelen nodig zijn.

4. Laat de codes scannen: Gebruik een OBD-II-scanner om te controleren of er diagnostische foutcodes (DTC's) zijn opgeslagen op de computer van de auto. Dit wijst vaak rechtstreeks op het defecte onderdeel.

Belangrijke opmerking: Werken met brandstofsystemen kan gevaarlijk zijn. Als u het niet prettig vindt om deze controles zelf uit te voeren, breng uw auto dan naar een gekwalificeerde monteur voor diagnose en reparatie.