* Lage bandenspanning: Een ongelijkmatige bandenspanning kan het SSS-lampje activeren, omdat dit het rijgedrag en de stabiliteit van het voertuig beïnvloedt. Controleer uw bandenspanning en pomp ze op tot de aanbevolen spanning (te vinden in de gebruikershandleiding of op een sticker aan de binnenkant van de deurpost aan de bestuurderszijde).
* Defecte wielsnelheidssensor: Deze sensoren monitoren de snelheid van elk wiel. Een defecte sensor kan onnauwkeurige gegevens doorgeven aan het stabiliteitscontrolesysteem, waardoor het lampje gaat branden.
* Probleem met stuurhoeksensor: Deze sensor meet de hoek van het stuur. Een defecte sensor kan leiden tot onnauwkeurige metingen en het SSS-lampje activeren.
* Problemen met het remsysteem: Problemen met het antiblokkeerremsysteem (ABS) of andere remcomponenten kunnen ook het stabiliteitscontrolesysteem beïnvloeden en het SSS-lampje doen branden. Dit kan een tekort aan remvloeistof, een defecte ABS-sensor of een probleem met de hydraulische regeleenheid zijn.
* Defecte massale luchtstroomsensor (MAF): Hoewel minder gebruikelijk, kan een defecte MAF-sensor de motorprestaties beïnvloeden en op zijn beurt het lampje van het stabiliteitscontrolesysteem activeren.
* Defecte tractiecontrolemodule (TCM): De TCM is het brein van het stabiliteitscontrolesysteem. Een defecte TCM is een ernstiger probleem.
* Bekabelingsproblemen: Beschadigde of gecorrodeerde bedrading die verband houdt met een van de bovenstaande componenten kan er ook voor zorgen dat het licht gaat branden.
* Lage accuspanning: Een zwakke batterij kan soms onverwachte waarschuwingslampjes veroorzaken, waaronder het SSS-lampje.
Wat te doen:
1. Controleer het voor de hand liggende: Controleer eerst uw bandenspanning. Als het laag is, pomp dan de banden op en kijk of het lampje uitgaat. Het kan zijn dat u een korte tijd moet rijden voordat het systeem kan worden gereset.
2. Laat het scannen: De meest betrouwbare manier om de oorzaak te achterhalen is door het boorddiagnosesysteem (OBD-II) van het voertuig te laten scannen door een monteur of met behulp van een OBD-II-scanner. De scan levert een diagnostische probleemcode (DTC) op die het probleem lokaliseert.
3. Negeer het niet: Als u rijdt terwijl het SSS-lampje brandt, werkt uw stabiliteitscontrolesysteem niet correct. Dit kan het vermogen van uw voertuig om met onverwachte situaties om te gaan aanzienlijk verminderen, waardoor het risico op ongelukken groter wordt. Laat het zo snel mogelijk controleren.
Zonder een diagnostische scan is het onmogelijk om definitief te zeggen wat er mis is. Een professionele diagnose wordt aanbevolen.