Het heeft echter * wel * enkele basisveiligheidsvoorzieningen die de motor indirect beschermen:
* Waarschuwingslampje lage oliedruk: Dit lampje gaat branden als de oliedruk te laag wordt, wat wijst op een ernstig probleem dat de motor kan beschadigen als het wordt genegeerd. De bestuurder moet het probleem dan onmiddellijk aanpakken.
* Waarschuwingslampje voor oververhitting: Net als het oliedruklampje waarschuwt dit de bestuurder voor een mogelijk motorschadelijke oververhittingssituatie. Ook hier is actie van de bestuurder vereist om ernstige schade te voorkomen.
Dit zijn in wezen waarschuwingssystemen, die erop vertrouwen dat de bestuurder reageert. Er is geen automatische motoruitschakeling om schade te voorkomen. De verantwoordelijkheid voor het voorkomen van motorschade tijdens een expeditie uit 2003 ligt in de eerste plaats bij de bestuurder die het juiste vloeistofpeil handhaaft, oververhitting vermijdt en waarschuwingslampjes onmiddellijk aanpakt.