* Massaproductie en de lopende band: Het genie van Ford lag in het perfectioneren van de bewegende lopende band. Dit verminderde de productietijd en -kosten van elke auto dramatisch, waardoor de productie ervan aanzienlijk goedkoper werd. Het ging niet alleen om het verlagen van de kosten; het ging over het verhogen van de *efficiëntie* tot een nooit eerder geziene schaal.
* Toegenomen vraag: Ford begreep dat een lagere prijs een veel grotere markt zou ontsluiten. Vóór de Model T waren auto’s luxeartikelen voor de rijken. Ford had een auto voor de gemiddelde Amerikaanse werknemer voor ogen, waardoor een enorme potentiële klantenbasis ontstond.
* Winst door volume: Terwijl individuele auto's tegen een lagere winstmarge werden verkocht, genereerde het enorme volume aan auto's dat met dit model werd verkocht enorme winsten. Dit is het kernprincipe van schaalvoordelen.
* Een markt creëren voor zijn eigen producten: Door auto's betaalbaar te maken, verkocht Ford niet alleen een product; hij creëerde een markt voor zijn eigen producten en diensten, inclusief onderdelen en benzine. Hij bezat zelfs een deel van de middelen die nodig waren om deze auto's en brandstof te produceren.
* Sociale impact (een secundaire maar belangrijke factor): Hoewel winst voorop stond, zag Ford zijn auto's ook als een middel om de Amerikaanse samenleving te verbeteren. Hij geloofde dat autobezit individuen meer macht zou geven, waardoor de mobiliteit en de toegang tot kansen zouden toenemen. Dit was niet de *primaire* drijfveer, maar het was een overtuiging die zijn aanpak vormgaf.
Kortom, de betaalbaarheid van Ford was geen liefdadigheidsdaad. Het was een briljante bedrijfsstrategie die innovatie in de productie, een scherp inzicht in de marktdynamiek en een visie op een consumenteneconomie voor de massa met elkaar verweven.