* Wielsnelheidssensoren: Dit is de meest voorkomende boosdoener. Tijdens het remmen zijn de sensoren (die zich in de buurt van de wielnaaf bevinden) mogelijk gestoten, beschadigd, losgekoppeld of is de bedrading verstoord. Zelfs een kleine hoeveelheid vuil op de sensor kan de werking ervan verstoren.
* ABS-bel/toonbel: De wielsnelheidssensor leest een toonring (een getande metalen ring) op de wielnaaf. Deze ring kan tijdens het remmen beschadigd raken, corroderen of zelfs licht verbogen raken. Als de ring beschadigd is, kan de sensor de wielsnelheid niet nauwkeurig meten.
* Bekabeling: De bedrading naar de wielsnelheidssensoren kan beschadigd of gecorrodeerd zijn. Een beknelde draad of een losse verbinding kunnen problemen veroorzaken.
* ABS-module: Hoewel dit minder waarschijnlijk is na een eenvoudige rembeurt, is het mogelijk dat de ABS-module zelf een defect heeft. Dit komt minder vaak voor en vereist vaak een professionele diagnose.
* Laag remvloeistofniveau: Hoewel u de remblokken/schoenen heeft vervangen, kan een extreem laag remvloeistofpeil het ABS-lampje activeren, omdat dit deel uitmaakt van de algehele gezondheidsmonitoring van het remsysteem. Dit is echter onwaarschijnlijk als u voor en tijdens de werkzaamheden voldoende vocht heeft gehad.
* Lucht in het ABS-systeem: Als u de remmen niet goed ontlucht, kan er lucht in het ABS-systeem achterblijven. ABS-bloedingen zijn vaak anders en complexer dan gewone rembloedingen.
Wat te doen:
1. Controleer het voor de hand liggende: Inspecteer zorgvuldig alle vier de wielsnelheidssensoren en hun bedrading. Zorg ervoor dat ze goed zijn aangesloten en niet beschadigd zijn. Maak ze grondig schoon met een sensorreiniger.
2. Inspecteer de toonringen: Onderzoek de toonringen op de wielnaven op eventuele schade. Ze moeten glad en onbeschadigd zijn.
3. Controleer het remvloeistofpeil: Zorg ervoor dat het remvloeistofpeil in het hoofdcilinderreservoir correct is.
4. Remmen goed ontluchten: Als u dat nog niet heeft gedaan, zorg er dan voor dat de remmen correct zijn ontlucht, inclusief het ABS-systeem indien nodig (hiervoor zijn mogelijk een drukontluchter en een specifieke ABS-ontluchtingsprocedure vereist).
5. Gebruik een OBD-II-scanner: Een OBD-II-scanner kan diagnostische foutcodes (DTC's) van het ABS-systeem ophalen. Dit zal het exacte probleem lokaliseren. Er zijn veel goedkope OBD-II-scanners beschikbaar.
Als u zich niet op uw gemak voelt met deze stappen, breng uw auto dan naar een gekwalificeerde monteur. Zij beschikken over de tools en expertise om het probleem correct te diagnosticeren en op te lossen. Pogingen om een ABS-systeem te repareren zonder de juiste kennis kunnen tot verdere complicaties leiden.