Om de oorzaak van een afsluitprobleem te achterhalen, moet u een diagnose stellen van het specifieke probleem. Mogelijke oorzaken en gerelateerde componenten zijn onder meer:
* Ontstekingssysteem: Problemen met de contactschakelaar, bobine, verdeler (indien aanwezig), krukaspositiesensor of nokkenaspositiesensor kunnen ertoe leiden dat de motor wordt uitgeschakeld. Deze componenten bevinden zich doorgaans onder de motorkap.
* Brandstofsysteem: Een defecte brandstofpomp, brandstoffilter of injectoren kunnen ertoe leiden dat de motor uitvalt. De brandstofpomp bevindt zich vaak in de brandstoftank, terwijl het filter en de injectoren zich onder de motorkap bevinden.
* Computer/ECU: De Powertrain Control Module (PCM of ECU) is het "brein" van de motor. Een defecte PCM kan verschillende problemen veroorzaken, waaronder onverwachte afsluitingen. De locatie van de PCM varieert per model en motortype; het bevindt zich meestal onder het dashboard of onder de motorkap.
* Sensoren: Talrijke sensoren bewaken de toestand van de motor. Een defecte sensor (zoals een temperatuursensor, zuurstofsensor, enz.) kan ervoor zorgen dat de motor uit veiligheidsoverwegingen wordt uitgeschakeld. Deze zijn verspreid over de motorruimte.
* Bekabeling en connectoren: Corrosie, losse verbindingen of beschadigde bedrading kunnen de elektrische signalen onderbreken die nodig zijn om de motor te laten draaien. Inspecteer alle kabelbomen en connectoren.
In plaats van te zoeken naar een specifiek 'automatisch uitschakelrelais', moet u een diagnose van het probleem stellen. Begin met het beschrijven van de symptomen (wordt het apparaat bijvoorbeeld onmiddellijk uitgeschakeld na een periode van hardlopen, onder bepaalde omstandigheden?). Een monteur met een diagnosescanner kan van onschatbare waarde zijn bij het vaststellen van de oorzaak. Proberen problemen op te lossen zonder specifieke symptomen zal waarschijnlijk leiden tot vruchteloos zoeken.